Horizontaal |
| 1 | verplaatsing van een stof van een hoge concentratie naar een lage concentratie |
| 6 | de osmotische waarde van zuiver water is ......... ten opzichte van een zoutoplossing |
| 7 | dit type volwassen stamcellen komt voor in het beenmerg |
| 10 | druk van de cel op de celwand |
| 11 | de hoeveelheid opgeloste stoffen
|
| 13 | diffusie van water door een semi-permeabel membraan |
| 14 | een netwerk van vezellige eiwitten in de cel; geeft vorm en hierlangs worden stoffen en organellen vervoerd |
| 15 | deel van een chromosoom, waar de twee zusterchromatiden aan elkaar verbonden zijn |
| 16 | structuur van trekdraden en steundraden vanuit tegenover elkaar liggende delen van de cel (de polen) naar de centromeren van de chromosomen |
| 17 | deel van een cel met een bepaalde functie |
| 18 | transport waarvoor energie nodig is noemen we ............ transport |
| 20 | verschijnsel waarbij de cel(membraan) loslaat van de celwand |
| 21 | bouwsteen van het celmembraan, bevat een hydrofobe staart en hydrofiele kop |
| 24 | energierijke stof |
| 25 | opening in het kernmembraan |
| 26 | kleurloze korrel in planten, die zich nog kanontwikkelen tot chromoplast, chloroplast of zetmeelkorrel |
| 27 | cel die zich nog tot allerlei celtypen kan ontwikkelen |
| 28 | korrels in plantencellen |