
In de testes van een man vindt meiose plaats. In de bron is verkort en schematisch het verloop van de meiose I en II weergegeven, waarbij slechts twee chromosomenparen zijn getekend.
In de testes bevinden zich behalve cellen die meiose ondergaan, diverse andere typen cellen, in verschillende stadia van ontwikkeling.
Van de volgende vier cellen die zich in de testes bevinden, worden de DNA-gehaltes met elkaar vergeleken:
1 een cel tijdens metafase I,
2 een cel tijdens metafase II,
3 een hormoonproducerende cel, direct nadat deze is ontstaan,
4 een spermacel, direct nadat de staart is ontstaan.
Welke van de genoemde cellen 1 t/m 4 van deze man bevat de grootste hoeveelheid DNA?