Index biologiepaginaindex vwo 5 biologie

voeding vertering nectar vwo 5 biologie

 
info biologiepagina uitleg biologie oefenen biologie bestanden biologie computer pc les biologie

 

actief transport
transport van stoffen dat energie kost (van lage naar hoge concentratie)
additieven
toegevoegde stoffen
ADH
aanbevolen dagelijkse hoeveelheid, voor een gezonde voeding
ADI
aanvaardbare dagelijkse inname, zonder dat je gezondheid gevaar loopt
aminozuur
organische stoffen met carboxyl- en aminogroepen. Ongeveer 20 aminozuren spelen een rol als grondstof voor de synthese (vorming) van eiwitten
amylase
enzym om zetmeel af te breken
apolair
ongeladen
appendix
het wormvormig aanhangsel van de blinde darm
buffer
stof die afhankelijk van de omgeving H+ ionen kan afgeven of opnemen
cholesterol
tot de sterolen behorende vetachtige stof, die in de meeste dierlijke weefsels en lichaamsvloeistoffen voorkomt en een bestanddeel is van dierlijke celmembranen
chylomircon
transportblaasjes voor vetten, bestaande uit fosfolipiden en eiwitten
co-enzym
naam voor een cofactor wanneer dit een organische stof is
collageen
bindweefsel
condensatie
splitsingsreactie waarbij water vrij komt
darmepitheel
cellen in de wand van de darm
darmflora
de bacterien in de dikke darm
darmplooien
de darmwand van de dunne darm is geplooid. Deze darmplooien zorgen voor een enorme oppervlaktevergroting. Op de plooien bevinden zich talrijke uitstulpingen, de darmvlokke
darmsap
sap dat enzymen bevat die de vertering van eiwitten en koolhydraten voltooien
darmvlokken
zijn de vlokkige aanhangsels in de darmen (vooral in de dunne darm) die het oppervlakte vergroten en microvilli op de cellen bevatten
denatureren
het onherstelbaar van vorm veranderen van een eiwit
dipeptide
stof waarvan elk molecuul bestaat uit twee aminozuureenheden. Een dipeptide onstaat uit twee aminozuren door condensatie.
eiwit
proteïne of eiwit is een stof waarvan elk molecuul is opgebouwd uit veel aminozuur-eenheden
emulgeren
van grote vetdruppels kleine vetdruppeltjes maken
endopeptidase
enzym dat middenin een polypeptide keten knipt
enzymen
biokatalysator. Organische stof die stofwisselingsprocessen versnelt zonder zelf verbruikt te worden
essentieel aminozuur
aminozuur dat je perse via je voedsel moet binnen krijgen en niet zelf kunt aanmaken
essentieel vetzuur
bepaalde omverzadigde vetzuren die niet in het lichaam kunnen worden gemaakt uit andere organische stoffen. Deze vetzuren moeten in het voedsel voorkomen
exopeptidase
enzym dat een aminozuur afknipt aan de uiteinden van een polypeptide; er zijn aminopeptidases en carboxypeptidases
gal
afscheidingsproduct van de lever, dat een mengsel is van o.a. galzure zouten. Deze galzouten emulgeren vetten en bevorderen de vertering van vetten.
gluconeogenese
het maken van glucose uit aminozuren
hydrolyse
splitsing met behulp van water
koolhydraat
zijn voedingsstoffen ("suikerketens") die door het lichaam als brandstof worden gebruikt
lactose
melksuiker
lipase
enzym van de alvleesklier dat vetten splitst tot glycerol en drie vetzuren
lipiden
vetten
lymfevat
onderdeel van het lymfestelsel; deze vaten vervoeren vooral vocht en witte bloedcellen
lysozymen
stoffen die de celwand van micro-organismen aantasten
maagportier
de kringspier tussen de maag en de twaalfvingerige darm. De maagportier werkt o.i.v. de pH in de twaalfvingerige darm. De maagportier laat een klein beetje van de voedselbrij door naar de twaalfvingerige darm.
maltase
enzym dat maltose afbreekt tot twee moleculen glucose
maltose
een disacharide
microvilli
zijn microscopische uitstulpingen van het celmembraan die het oppervlak van cellen drastisch vergroten. Microvilli zijn te vinden in de dunne darm
monosacharide
suikers met één ringstructuur in het molecuul, veelal met vijf of zes C-atomen, zoals glucose, fructose en ribose. Uit monosachariden worden di- en polysachariden opgebouwd.
nucleasen
enzymen die DNA en RNA afbreken
onverzadigd vetzuur
vetzuur met minstens 1 dubbele koolstofbinding.
optimumtemperatuur
temperatuur waarbij een enzym de hoogste hoeveelheid substraat omzet
pancreas
alvleesklier
pepsine (peptase)
enzym afgegeven door de maag om eiwitten af te breken tot kleinere polypetiden
pepsinogeen
inactief pro-enzym, welke onder invloed van zoutzuur geactiveerd kan worden tot pepsine
peptidase
enzym dat polypetiden afbreekt tot losse peptiden (aminozuren)
peristaltiek
golvende afwisselende samentrekking van lengte- en kringspieren van de darm en andere holle organen
polair
geladen (elektronen zijn in stof niet gelijk verdeeld)
polymeer
veel van dezelfde moleculen aan elkaar vast gekoppeld
polypeptide
aminozuurketen
poortader
bloedvat dat loopt van de dunne darm naar de lever
resorptie
opname van stoffen uit de darmwand
spoorelement
mineralen die je slechts in geringe hoeveelheden nodig hebt
substraat
stof die door een enzym wordt omgezet
symport
twee verschillende stoffen moeten samen door een transporteiwit heen getransporteerd worden
tight-junction
alle darmepitheelcellen zijn door eiwitten strak aan elkaar verbonden. De ondoordringbare laag heet ' tight-junction' 
trypsine
enzym dat lange polypeptiden splitst in kleinere polypeptiden
verzadigd vetzuur
vetzuur, waarbij de C-atomen door enkele bindingen met elkaar verbonden zijn
vet
organische stof waarvan elk molecuul ontstaat door het binden van een glycerolmolecuul en drie vetzuurmoleculen.
vitaminen
stof die ervoor zorgt dat men gezond blijft. Vitaminen of de voorlopers ervan, provitaminen moeten in kleine hoeveelheden in het voedsel aanwezig zijn.
voedingsmiddel
alles wat je eet of drinkt\
voedingsstof
bruikbare bestanddeel van het voedsel. Voedingstoffen worden opgenomen door een organisme of een cel of verteerd tot stoffen die kunnen worden opgenomen.
voedingsvezels
verzamelnaam voor stoffen in plantaardig voedsel, die niet door menselijke enzymen kunnen worden afgebroken, bestaande uit de celwanden.
weefselvocht
het vocht buiten de cellen en buiten de haarvaten
zetmeel
polysacharide, ontstaan door aaneenkoppelen van glucose, is een reservestof voor energie.