Biologie verslag schrijven

Een verslag biologie schrijven, de regels (bovenbouw)

Verzorging
  • Begin het schrijven van een biologie verslag met een titelblad, met daarop je naam, klas en titel.
  • Maak een inhoudsopgave en nummer je pagina's van je biologie verslag
  • Maak duidelijke hoofdstukken en alinea's. Zorg dat onderstaande opbouw van een verslag duidelijk terug is te vinden in je biologie verslag.
  • Schrijf een natuurwetenschappelijk verslag nooit in de ik of wij-vorm.
Titel
  • De titel moet kort en duidelijk aangeven waar de proef over gaat. Dus geen: Biologieverslag
Inleiding
  • 1) Soms is het goed dat je enkele algemene gegevens die je uit de literatuur haalt over je onderwerp in een korte inleiding bespreekt.

    Voorbeeld:
    Je maakt een verslag over het enzym amylase. Geef aan wat de functie is van amylase. Wat het product is wat het substraat is, etc. 
  • 2) Onderzoeksvraag: Ook wel probleemstelling genoemd. Formuleer duidelijk: Wat wil je gaan onderzoeken in je experiment?
Hypothese
  • Maak een hypothese (veronderstelling) voordat je aan een experiment begint: je hypothese is een logisch verondersteld antwoord voor het probleem dat je onderzoekt. Formuleer deze zo concreet mogelijk. De hypothese helpt je een goed experiment op te zetten.
  • Op grond van je hypothese kun je ook een verwachting uitspreken over de uitkomst van je onderzoek. Formuleer deze als volgt: Als... (vul hier je hypothese in), dan ... (hier volgt de uitkomst van het experiment).
Werkwijze
  1. Materiaal: Beschrijf het gebruikte materiaal zo nauwkeurig mogelijk (concentraties, temperatuur, hoeveelheid licht etc.)
  2. Methode: De proefopstelling moet nauwkeurig beschreven worden (eventueel tekenen). Beschrijf exact hoe je de proef hebt uitgevoerd. Maak hierbij eventueel ook een tijdsplanning. Iemand anders moet aan de hand van je verslag de proef precies na kunnen doen. Vermeld nooit resultaten in dit hoofdstuk.
Resultaten
  • Hierin vermeld je alleen de waarneming, oftewel je vermeldt alles wat je gezien en gemeten hebt. Je gaat nog geen conclusies trekken uit de gegevens!
  • Vermeld alle meetresultaten in tabel(len).
  • Vat deze samen in een overzichtelijke grafiek. Zet in je grafiek altijd de waarde die je vooraf vast stelt in de proef op de x-as en de metingen, de gegevens die je verzameld hebt, op de y-as (de variabele waarde).
  • Tekeningen kunnen ook verhelderend zijn.

Conclusie
  • Wat is het antwoord op je onderzoeksvraag?
  • Welke conclusies kun je nog meer trekken uit je resultaten?
  • Probeer verklaringen te vinden voor de uitkomsten van je experiment, waar baseer jij je conclusie op? Verwijs ook naar belangrijke resultaten.
  • Was de hypothese juist of niet, of weet je het nog niet zeker? Licht dat toe.
  • Extra vragen: soms staan er in een prakticumhandleiding nog extra vragen vermeld. Verwerk deze ook in je verslag
Discussie
  • Wat is er fout gegaan bij de uitvoering? Hoe heb je dat opgelost of hoe zou het experiment nog verbeterd kunnen worden? Welke nieuwe problemen ben je tegen gekomen? Vergelijk je eigen resultaten en conclusie met gegevens uit de literatuur.
  • Welke ideeen voor vervolgonderzoek komen in je op? Mogelijk heb je een nieuwe hypothese?
Literatuur
Logboek
  • Bij grote biologie opdrachten (o.a. profielwerkstuk, praktische schoolexamens) wordt gevraagd een logboek bij te houden. Dit word-bestand kun je hiervoor gebruiken.